Psychologencommissie op bezoek bij ministers De Block en Borsus

This webpage was last updated on 5/11/2018.

Afgelopen maand was Edward Van Rossen, directeur van de Psychologencommissie achtereenvolgend op bezoek bij minister van Middenstand Borsus en minister van Volksgezondheid De Block. Tijdens deze gesprekken werd onze evolutie naar een volwaardig beroepsinstituut voor psychologen besproken, alsook de mogelijkheid van een voogdijwissel.

Evolutie naar een beroepsinstituut of orde

Tijdens een overleg in april met onze voogdijminister Borsus bespraken de voorzitster en directeur van de Psychologencommissie de mogelijkheid om van een acommissiea te evolueren naar een volwaardig ainstituuta of aordea. Behalve de naamsverandering, zou dit onze bevoegdheden uitbreiden en verduidelijken. Het zou ons bijv. in staat stellen om titelmisbruik proactiever op te sporen en te vervolgen. Of om een accreditatiesysteem voor professionele navormingen in het leven te roepen. Een dergelijke accreditatie ligt immers in het verlengde van de deontologische code (artikel 30). Daarnaast beklemtoont de naam ainstituuta of aordea onze onafhankelijke positie te midden van andere psychologenverenigingen. De minister uitte zich alvast zeer positief over onze ambities en bevestigde ons in dit traject te zullen steunen.

Voogdijwissel

In mei werd Edward Van Rossen ook uitgenodigd op het kabinet van minister De Block. Tijdens dit gesprek toonden de kabinetsmedewerkers ruime interesse in de deontologische code voor psychologen. Ze gaven hierbij aan dat de visie van minister De Block nauw aansluit bij die van de Psychologencommissie. In aanloop tot de erkenning van de klinische psychologie als zorgberoep, en gezien het grote aandeel clinici onder de erkende psychologen, opperde het kabinet de mogelijkheid om het ministeriële voogdijschap van de onze instantie te wijzigen.

Momenteel valt de Psychologencommissie onder de voogdij van minister van middenstand Borsus. Of zijn kabinet zal instemmen met een voogdijwissel of co-voogdij, valt nog af te wachten. Uit een eerste bespreking bleek een zekere terughoudendheid, maar het kabinet was evenwel bereid om de vraag nader te bekijken.

Bij een ongewijzigde situatie bestaat de kans dat er, vanaf september 2016, twee verschillende tuchtorganen nodig zijn: A(C)A(C)n voor de klinisch psychologen en A(C)A(C)n voor de niet-klinisch psychologen of de psychologen in het algemeen. Dit is uiteraard praktisch en financieel weinig wenselijk. Een interkabinettair overleg dringt zich dan ook op. De komende maanden zullen wij samen met de erkende beroepsfederaties de drie pistes verder exploreren: naar Volksgezondheid migreren, bij Middenstand blijven of een co-voogdij aanvaarden. Vooraleer de knoop wordt doorgehakt, zullen we uiteraard de sectoren en wensen van de erkende psychologen in kaart brengen.

 

 


 
Deel deze pagina