Beslissing 209/2025 van de GBA

hero logo image

De Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA) erkent dat ziekenhuizen, en instellingen in het algemeen, verantwoordelijk zijn voor het beheer en de beveiliging van elektronische medische dossiers (EMD). Zij moeten de nodige technische en organisatorische maatregelen nemen om de regels van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) na te leven. 

Compsy presentation

Concreet betekent dit dat:

  • De toegang tot patiëntendossiers moet worden beperkt op basis van de functie en de zorgbehoeften (niet iedereen mag alles zien).
  • In uitzonderlijke situaties kan een “break-the-glass”-toegang worden gebruikt, mits deze wordt gemotiveerd.
  • Toegangslogboeken moeten worden gecontroleerd om misbruik te kunnen opsporen.
  • Patiënten op transparante wijze moeten worden geïnformeerd over de toegang tot en de beveiliging van hun dossiers.
Compsy presentation

Deze beslissing heeft voor klinisch psychologen een aantal noodzakelijke verduidelijkingen gebracht. De kwestie van elektronische medische dossiers stelt zich namelijk vooral voor psychologen die in een instelling werken, wanneer zij een gezondheidszorgberoep autonoom uitoefenen en gebonden zijn aan het beroepsgeheim en aan de deontologische regels (gecontroleerd door de Psychologencommissie). Dit zijn allemaal factoren die soms op gespannen voet staan met de werkingsregels van instellingen, met name wat betreft het delen van informatie en de toegang tot het EMD.


Dit plaatst hen in een dubbele positie: 

  • Verantwoordelijkheid: psychologen moeten actief waken over de vertrouwelijkheid en de correcte toegang tot patiëntgegevens. Elke nalatigheid kan professionele en juridische gevolgen met zich meebrengen.
  • Kwetsbaarheid: binnen instellingen kunnen psychologen soms onder druk worden gezet om informatie te delen of toegang te verlenen die niet noodzakelijk is voor de zorg.

 
Deze beslissing geeft psychologen meer houvast om tegenover andere zorgverleners grenzen te stellen wanneer informatie-uitwisseling of handelingen strijdig zijn met de deontologische regels. De beslissing van de GBA kan hen helpen weerstand te bieden aan ongepaste druk, omdat ze duidelijk maakt dat:

  • De toegang tot dossiers strikt functioneel en proportioneel moet zijn
  • zorgverleners persoonlijk verantwoordelijk zijn voor de correcte verwerking van patiëntgegevens; en
  • instellingen of personen die druk uitoefenen op psychologen om de regels te omzeilen, aansprakelijk kunnen worden gesteld.


Deze beslissing ondersteunt psychologen in de actieve bescherming van het beroepsgeheim. Ze bevestigt dat vertrouwelijkheid geen individuele keuze is, maar een juridische en organisatorische verplichting binnen de gezondheidszorg, die ook kan dienen als bescherming tegen externe druk.